HomeBoekenCD
Teksten


Maak een keuze hieronder:
Bladmuziek
Teksten



CD

De Manuscripten

Ik vrijde een meisje teer

Uit: De gekroonde Utrechtse vrede, Amsterdam, 1718

 

En ik vrijde een meisje teer,
Zij was heel zoet van gratie.
Mijn dacht het was mijn parteur
Als ik kwam in haar conversatie
En haar vriendelijk wezen blij
Dat staat er altijd voor mij
En nu had je mij in de lij.

 

Och lacie wat een droefheid
Wat is mijn nu overkomen
Och lacie ik ben 't al kwijt
Die ik eerstmaal heb verkoren
Had verkoren tot mijn vrouw
Zij beloofde mij haar trouw
Och nu laat je mij in de rouw

 

En als ik 't eens overpeis,
Haar schoonheid en zoet wezen,
Dat mijn hart werd als een ijs,
En ze heeft mij zo dik genezen
En haar ogen als koraal,
Die lonkten mij zo menig maal
Zij was een troost voor mijnen kwaal

 

Is het het om mijn bevalligheid,
Of is 't om mijn malligheid
Of is't om mijn oneerbarheid
Die ik eerstmaal heb bedreven
Of is het om het werelds goed
Dat ik u allerliefste zoet
En daarom verlaten moet.

 

't is niet om mijn oneerbaarheid,
of niet om mijn lekkerheden,
maar 't is om mijn ouders raad,
die zijn daarover niet tevreden
En dat ik uw liefde zoet
Ook daarom verlaten moet,
Dat kost nu mijn vlees en bloed.

 

En als ik u derven moet,
Dan zal ik moeten vluchten,
Och mijn allerliefste zoet,
Waarin schept gij dan geneugten?
Als men de allerliefste zoet,
Moet minnen om het werelds goed
Dan is't al verloren moed.

 

En dat ik 't allemaal,
Eens te kennen moeste geven
En dat ik met uw persoon
Moest sterven ende leven
En gij stond mij niet te woord,
Omdat ze met mij maakt geen akkoord
Want daarom zo moest ik voort.

 

En als ik u derven moet,
dan zo wens ik u de vrede
och mijn allerliefste zoet,
kan ik u niet tot liefd bewegen
Dan wens ik u een staat
Vol deugden en blij gelaat,
Dat het alles te boven gaat.
  

Oorlof jongmans allemaal,
Wilt dit liedeken onthouden
Ik zet het u in't generaal,
Wilt geen dochters meer betrouwen.
Want zij zijn zo algezind,
Gelijk een riet staat in de wind,
Zo men nu aan mijn bevind.